Twee keer Rusland, drie keer niks

Posted by in At sea

Gisteren avond rond etenstijd kwamen wij aan in Magadan. Alles wat we zagen was een grote besneeuwde heuvel met twee containerkranen ervoor en een paar grijze gebouwen en veel sneeuw en wind. Net op het moment dat we wilden gaan eten kwamen de havenautoriteiten aan boord en namen onze messroom in beslag: 3 man van grenscontrole, 3 man van de douane, 4 dames voor inspectie van een certificaat, 3 vertaalsters, 2 scheepsagenten, stapels papieren, overal het geluid van stempels en handtekeningen en kopieën, Russisch en Engels door elkaar, een grenswachter die verbaasd naar een Nederlands paspoort kijkt alsof hij zoiets nog nooit heeft gezien… ‘, ‘Het leek net een film, toen we klaar waren met inklaren was de lading al lang van boord en kon direct begonnen worden met uitklaren. Zo gingen 5 uur na aankomst de trossen al weer los en lieten we dat ingesneeuwde gat achter ons.


Die haven daarvoor was Provideniya, de belangrijkste doorvoerhaven van het westelijk Siberië. Het is een dorpje gelegen aan een baai in the middle of nowhere letterlijk en figuurlijk aan het eind van de wereld. Het dorpje is alleen bereikbaar per schip of per vliegtuig en er gaat een weg naar een ander dorp maar dat is verlaten en een echte spookstad. Er komen gemiddeld 70 schepen per jaar, de meeste in de zomer en het was dan ook een hele gebeurtenis dat wij daar kwamen, allemaal flitsen van fototoestellen aan de wal toen we voor de kant gingen.
De mensen waren erg vriendelijk en het lossen ging ontzettend voorzichtig, ik denk omdat ze dus echt geen reserveonderdelen hebben voor hun materiaal en ze er daarom erg zuinig op moeten zijn. De vrijdagmiddag dat we er lagen had ik de gelgenheid om met de deerde stuurman Lars de wal op te gaan en even een rondje te lopen door het dorpje. De straten zijn onverhard en ongeveer de helft van de huizen is verlaten en vervallen, de andere helft is in felle kleuren geschilderd om de boel een beetje op te vrolijken. Er was best wat leven in het dorp, spelende kinderen, een schooltje, hangjongeren, hangeskimos, twee concurrerende taxis?!, een bushokje (voor de bus naar het vliegveld), een winkeltje en veel vrouwen met boodschappentassen. Waar we langsliepen gingen gordijntjes opzij en werden we nagekeken en na een uurtje hadden we alles gezien en zijn we maar terug naar het schip gegaan, het was bovendien best koud en het werd al weer donker om vier uur.
Onze eerste stuurman had geregeld dat we de wal op konden naar de bar die avond. Het leek misschien wel het meest op een feestkeet, een bar, wat tafeltjes en ertussen een dansvloer. Joery was erg in trek bij de dames en werdt elke keer weer de dansvloer opgesleurd en met mij gebeurde dat ook wel. Het was fijn om even te dansen en een biertje te drinken maar we werden goed in de gaten gehouden door de grenswachters, die zaten aan een tafeltje verderop. Uiteindelijk gaven die een tikje op hun horloge en was het voor ons tijd om te gaan, naar de auto waar we mee gekomen waren. Maar de chauffeur hat al heel wat biertjes en wodka op en wilde ons nog even een toer geven door het dorp, dus wij in die jeep heel hard over die hobbelwegen rijden naar zijn huis (nog meer bier ophalen) en daarna naar End of Land, een verhoging achter het dorp aan het water. Hij pratte voordurend in het Russisch tegen ons, in de ene hand een biertje, in de andere een peukje en lekker rijden. Ik was blij dat we heelhuids weer bij het schip kwamen en dat we de volgende dat weer vertrokken want het was allemaal zo troosteloos. Drie keer niks dus. Maar wel leuk om een keer meegemaakt te hebben.
We gaan nu nog lossen in Onsan, Koera, vervolgens windmolens laden in Phu My, Vietnam, dan lossen in Vancouver WA, USA en daar of in Canada potas laden voor Korea. En dan is de stage al afgelopen. Helaas is mijn laptop overleden en kan ik de foto’s die ik had gemaakt er nog niet afhalen, niet dat het veel uitmaakt want ik kan toch nergens op internet.

Wederom bedankt voor alle brichtjes in het gastenboek en tot de volgende keer.